mantel der genade

Bedek alles onder de mantel der liefde, praat nergens over, gooi zand erover … tot je stikt. Een christelijk sausje om te vermijden dat fouten aan het licht komen? Een manier om niet te hoeven erkennen dat een ander jou iets aangedaan heeft?

Waar komt de term vandaan? Wat zegt de bijbel erover? Volgens diverse bronnen moet je het ontstaan in Genesis 9 zoeken; de zondvloed is net voorbij, Noach plant een wijngaard en van de eerste oogst (maanden later) maakt hij een lekkere wijn. Helaas kijkt hij (per ongeluk?) te diep in het glaasje. Zo diep dat hij lamlazarus zijn mantel uittrekt en naakt op zijn nest gaat liggen. Schande. Eén zoon ziet hem en wrijft het er met een roddel in, maakt zijn vader nog meer ten schande. Gelukkig zijn de andere twee knullen van ander hout gesneden en bedekken ze hun vaders naaktheid met een mantel.

‘Naakt’ staat er. Maar ‘naakt’ in de bijbel hoeft niet persé het huidige westerse ‘naakt’ te zijn. Wanneer je zonder mantel zat werd je destijds al gezien als ‘naakt’, dat hoefde dus niet te zeggen dat je helemaal in je toedeledokus stond. ‘Naakt’ werd vaak geassocieerd met schuldig, zondig… Wanneer iemand bijvoorbeeld een rechtzaak tegen je aanspande en je onderkleed eiste, eiste hij dus dat je ‘schuldig’ werd bevonden.

Verschillende bijbelgedeelten leren ons dat een mantel, je zeggenschap en status symboliseerden. Maar bedenk goed: in een foute situatie verzeild raken is iets heel anders dan er ‘schuld’ aan hebben. Noach had zich in een dronken bui uitgekleed met als gevolg dat er van zijn status als pater familias weinig overbleef. Door hem zijn mantel terug te geven, zeggen de twee zoons als het ware ‘Jij blijft onze pa, eventuele fouten rekenen we je niet aan, je blijft wie je bent.’

Noach krijgt de volgende ochtend precies te horen wat hij heeft gedaan, hoe hij erbij lag en wat voor reacties dat bij anderen opriep. Hij ontsteekt in woede omdat de ene zoon erover ging roddelen, hem niet hielp, en hij uit zijn dankbaarheid omdat zijn andere zoons hem zijn waardigheid en status teruggaven in de vorm van deze mantel der liefde.

 

De mantel der liefde verdoezelt niet de zonde. Ze maakt haar juist bespreekbaar. De mantel der liefde doet niet net alsof het niet gebeurd is en staat niet toe dat zonden keer op keer genegeerd worden; ze brengt fouten kraakhelder aan het licht maar beschermt de zondaar tegen het eeuwig verliezen van zijn stem.

Of je nu naakt (schuldig) bent of niet – De juiste mantel biedt genade. Meer zondigen bied je echter niet méér mantels der genade…

 

En wanneer dit vergankelijke lichaam is bekleed met het onvergankelijke, dit sterfelijke met het onsterfelijke, zal wat geschreven staat in vervulling gaan: ‘De dood is opgeslokt en overwonnen. 1Kor 15:54

Advertisements

Kankerzooi

Dan heb je de rollercoaster gehad van onderzoeken en toestanden omdat er een kleine tumor in je borst zat – krijg je te horen dat ie goedaardig is en mag je naar huis om een week later een dierbaar iemand aan die ene rotziekte te begraven… Om nog geen week later een chirurg aan de lijn te hebben die aangeeft dat ‘het team’ het niet helemaal eens was met de uitslag. Of ik mogelijk belang had bij een bioptie of dat ik er liever voor koos over een half jaar weer een mammo te doen… Natuurlijk ga je voor de bioptie. Ergens een week later zou hij gepland worden, ik zou vanzelf bericht krijgen. Echter, de volgende ochtend kon ik om mijn voicemail een ziekenhuisassistente horen zeggen “Dit is de assistente van dokter x – wilt u mij zo snel mogelijk terugbellen?”  Het tweede bericht op m’n voicemail was van nog geen 10 minuten later. Exact dezelfde boodschap; of ik zo snel mogelijk wilde terugbellen op nummer y…  Dan krijg je even kippenvel en als je al nekhaar hebt staat dat spontaan recht omhoog. Als ze de eerste keer al onzeker waren – en me nu ineens bellen … ‘Wat is er aan de hand? – heu aan de tiet’  Nou, ‘schrikken’ is nogal een understatement.

Snel teruggebeld om ‘gewoon’ te horen dat ze me de volgende middag graag zagen voor een bioptie – een brief zou te laat aankomen, vandaar het belletje. Allemachtig, je bent al bang voor het ergste, dan krijg je zo een bericht… pff

Anyway – de volgende middag op tijd weer in het ziekenhuis. Krijg je een briefje onder je snufferd waar 1 of andere term op staat van wat de radioloog moet onderzoeken. ‘Lang leve google’ dacht Jurgen toen hij de term intikte op zijn iphone, tot we lazen dat het om een zeldzame woekerende vorm tumor gaat die kwaadaardig kán worden. Op dat moment vervloekte ik het internet. Even begreep ik waarom de boom van kennis over goed en kwaad verboden terrein was voor Adam en Eva …

De radioloog nam in ieder geval uitgebreid de tijd om al onze vragen te beantwoorden – bleek dat de laborant en hij het niet met elkaar eens waren, de één dacht het ene en de ander vond dat niet passen bij het beeld wat hij had. Beeld – het gaat hier om mijn tiet heren! Genoeg ‘beeld’ volgens mij… Maar voor we het wisten stonden we weer buiten. Te wachten. Een week wachten in het verschiet. Onnodig om te zeggen dat ik afgelopen week chaotisch en erg vergeetachtig was… niets kwam uit mijn handen. Het huis verstofte waar ik bij stond. En arme Jur – kermend van de rugpijn- verstofte net zo hard mee.

 

Anyway, vanmiddag stonden we er dus weer.  Het wachten duurde lang. Uiteindelijk word je dan zo een steriel hokje ingeduwd waar je hoort dat het dan toch niets is. Alles wat er zit is goedaardig (vond Jur al al die jaren, maar fijn dat het nu ook medisch bevestigd werd :))

 

Maar het moet nog landen… alles lijkt nog heel onwerkelijk… behalve dan dat ik zo naar de kapper ga. Voorlopig geen chemo voor mij dus kan ik met een gerust hart mn onbenullige centen aan zoiets heel onbelangrijks als een mooi kapsel uitgeven.

woorden, hel hemel en christenen

Image

Gister zag ik – ergens op Pinterest of Facebook – de uitspraak ‘Dan is daar het moment dat je even ‘denkt’ en de pijn in alle hevigheid weer aanwezig is.’

 

Heb jij het al meegemaakt? Dat iemand je door en door gekwetst heeft? Zo gekwetst dat je dacht terplekke te willen neervallen om nooit meer op te staan? Het gevoel zo door en door vernederd en afgewezen te worden dat zelfs de diepste afgrond je niet diep genoeg is?

Nou, ik wel. Meerdere malen. En helaas word je het meest gekwetst door de mensen die je lief zijn. Door mensen in wie je je vertrouwen hebt gesteld. Door mensen van wie je dacht dat ze je zoiets nooit of te nimmer zouden flikken. Door mensen die je – na lang twijfelen – toch binnenliet in je hart…

‘Jij bent een nul voor de maatschappij’ … dat was de eerste … ik denk niet dat ik 10 jaar was, maar de woorden zijn blijven hangen. Ik ben ze nooit vergeten – hoeveel mooie dingen er daarna ook gezegd zijn – dit is wat keer op keer blijft nagalmen…

‘Je bent niet heilig genoeg’ … heel wat jaren later maar ook deze stem klinkt dreunend na. Al heb ik de persoon al in geen jaren gezien – ik hoor het haar nog zeggen…

 

Of wat dacht je van een brief waarin  uitgelegd werd waarom het geen zonde zou zijn dat Jur van me zou scheiden -omdat ‘ik’ het was… Of een brief waarin ik als ‘duivels’ word omschreven …

‘Jij bent niet nodig’ …niet dat ik nou zo een giga band had met de dame in kwestie maar na me al een aantal jaar trouw te hebben ingezet, mijn baan deels te hebben opgezet om meer te kunnen dienen … ik kan je zeggen – dan komt dit heel hard aan.

 

En dit zijn nog maar een paar van de vele woorden …allemaal gesproken door zogenaamde christenen die de hemel zouden moeten verkondigen in plaats van de hel.

 

En dan zegt gister iemand ‘Ik hou van je’. Iemand waarvan ik zie dat ze het oprecht bedoelt, maar ik geloof het niet. Het enige wat ik kan bedenken is ‘Je kent me niet – hoe kan je van me houden? We hebben nooit koffie gedronken met elkaar – nooit van hart tot hart met elkaar gesproken – hoe kan je zoiets zeggen, je ziet me alleen op zondag…’ 

En tja, dan reageer ik (soms) afstandelijk. Ik heb al geleerd om ‘dank je wel’ te zeggen in plaats van de discussie aan te gaan of in plaats van een bitchie opmerking. Maar geloven?

Wees gerust, ik zie de geste wel… ik kan (weer) waarderen dat iemand iets liefs probeert te zeggen of te doen. Maar op momenten dat er iets gebeurt waardoor alle pijn zich even weer in alle hevigheid aandient – dan smelten goede woorden als sneeuw voor de zon en klinkt de hel luider dan de hemel.