Black lives matter. Period.

(Scroll down for English translation)

Toen  Charlie Hebdo koelbloedig werd vermoord en Parijs werd opgeschud met de gewelddadige vorm van terrorisme postten mensen massaal op social media hun profielfoto met ‘Je suis Charlie’ of ‘Stand by Paris’.  Als blijk van medeleven.

Toen België werd opgeschud door een terroristische aanslag reageerde ook ik met een profielfoto die de kleuren van België weergaf.

Een tijdje geleden was er de ‘kom op tegen kanker’- campagne.

Niemand haalde het in zijn hoofd om in bovengenoemde gevallen  te zeggen “Stand by all” of “Kom je ook op tegen longemfyseem of Alzheimer? Want dat zijn ook nare aandoeningen!”

Je steun betuigen en opkomen voor het ene, betekent niet dat je tégen het andere bent.  Het heeft mij even geduurd voor ik me dat realiseerde in de Black Lives Matter campagne. Mijn eerste reactie was ‘All lives matter’.  En natuurlijk tellen ook álle levens. Maar in gesprek met een aantal Afro Amerikaanse dames werd het me duidelijk dat het niet gaat om een tegenstelling. Zij voelen zich gediscrimineerd, achtergesteld, benadeeld. En met deze leuze vragen ze aandacht voor hun zaak. Net zoals het kankerfonds aandacht vraagt voor kanker en niet voor Alzheimer.

Vervolgens dacht ik – excuus voor mijn onwetendheid- dat het hier in NL heel anders is dan in Amerika. En ja het is anders. We zijn als gezin 1x in aanraking gekomen met hele boze Amerikanen die de politie hadden gebeld. En ik kan je vertellen; dat was niet leuk. Zeg maar gerust eng. Het is absoluut anders. Maar racisme komt ook in Nederland en België voor. De belastingdienst is daar een zeer recent en duidelijk voorbeeld van.

Dan zou je nog kunnen zeggen ‘Ik doe niet mee met de hype door op social media me uit te spreken.’ Is je goed recht. Om eerlijk te zijn, dat was ook mijn eerste reactie.  Maar is ook dat niet een beetje jezelf distantiëren? Omdat het jou niet dichtbij genoeg komt? Omdat het niet belangrijk genoeg is? Omdat je stiekem – het idee hebt dat je jezelf moet verdedigen en bij je punt wil blijven dat jij geen racist bent en dat dus niet hoeft? Is dat niet precies wat ‘white priveledge’ is?  Nu kan het zijn dat je altijd politiek correct bent en je nooit uitspreekt … dat is op zich prima.  Maar voor mij ging dat excuus niet op. 

Voor ik me uitsprak ben ik dus eerst in gesprek gegaan met een paar dames die racisme aan den lijve ondervonden. En ik sprak me uit op social media. En toen las ik op facebook de hartkreet van een mede-lander. Of de kerk zich ook hiertegen kon uitspreken. Mijn eerste reactie: wederom ‘Waar is dat voor nodig! Je verwacht toch ook niet van alle moslims dat ze zich tegen IS uitspreken? Alsof moslims per definitie voor IS zijn?? En hubby heeft een paar weken geleden nog gepreekt over hoe we ons horen te gedragen in de kerk. Voor racisme is er in de kerk geen plaats.  Maar is dat zo?

Is er voor racisme en discriminatie en sociaal onrecht geen ruimte in de kerk? Of is dat er wel en zou het er niet moeten zijn?

Het is al een aantal jaar geleden. Dus ik kan het nu wel vertellen. Maar ook ik heb pijnlijk ondervonden dat discriminatie wel degelijk de kerk in sluipt. Al sinds jaar en dag heb ik moeite met het zingen van het volkslied in de kerk. Velen vinden het een mooie traditie, maar ik vind het niet rijmen dat je de ene keer zingt ‘Want de geest doorbreekt de grenzen die door mensen zijn gemaakt …’ en de andere keer heel nationalistisch die grenzen in ere houdt door het volkslied. En hoewel ik me echt Nederlander voel – me heb laten nationaliseren- ik ga in de kerk niet staan wanneer dit lied gezonden wordt.  Toen ik dit voorzichtig aankaartte kreeg ik echter een furieuze reactie ‘Je past je maar aan aan Nederland. Je moet maar wennen aan ONZE gebruiken.’  Ineens was ik weer ‘de buitenlander’. Nodeloos om te zeggen dat ik al 14 jaar in NL woonde, mijn best deed om zo accentloos mogelijk te praten, al jaren werkte in het VO, me met hart en ziel inzette in de kerk en keurig mijn belasting betaalde…  Ik moest me als buitenlander maar aanpassen.  Wat heb ik gehuild, wat voelde ik me buitengesloten. En zo zijn er meer voorbeelden. Dit is dan geen racisme. Wel discriminatie. Pijnlijk, hard en in de kerk.

Terug naar racisme.  Denken dat racisme geen voet heeft in de kerk of in de NL samenleving is een illusie. Dat je het niet ziet komt misschien omdat je het als blanke zelf nooit ervaart.  Wat we op z’n minst kunnen doen is de ander serieus nemen wanneer hij of zijn aangeeft hier last van te hebben. Wat we op z’n minst kunnen doen is luisteren (als in actief luisteren en het gesprek aangaan.) En we kunnen het gedrag van een ander niet veranderen. Maar jouw stem laten horen is geen druppel op de gloeiende plaat. Jouw stem laten horen is niet meelopen met een hype. Jouw stem laten horen is bijdragen aan bewustwording. Jouw stem laten horen is de ander laten weten ‘Ik hoor je, ik zie het lijden, ik sta achter je.’

Black lives matter.

(Onderaan vind je een pdf van deze tekening, vrij te gebruiken voor in je eigen bulletjournal of biblejournaling. Tekening geïspireerd door een foto van @gigi_esohe) Meer van mijn maaksels vind je op instagram.

When Charlie Hebdo was murdered and Paris was shaken up by the violence of terrorism, people massively posted their profile picture with “Je suis Charlie” or “Stand by Paris” on social media. As a token of compassion.

When the Belgium airport was shaken by a terrorist attack, I also reacted with a profile photo that reflected the colors of Belgium.

A while ago there was the “fight against cancer” campaign. Nobody dared to say “Stand by all” or “Do you also stand up against lung emphysema or Alzheimer’s? Because those are also unpleasant conditions!”

Expressing your support and speaking up for one does not mean you’re against the other. It took me a while to realize this is also the case in the Black Lives Matter campaign. My first reaction was “All lives matter”. And of course all lives count equally. But in conversation with a number of African American ladies it became clear to me that it’s not a contradiction. Saying Black lives matter doesn’t exclude Whites.  They feel discriminated against, disadvantaged. And with this slogan they draw attention to their case. Just as the cancer fund draws attention to cancer and not Alzheimer’s. Making it ‘All lives matter’ draws the attention back.

Then I thought – pardon my ignorance – that it ‘s different here in the Netherlands than in America. And yes it is different. As a white family we once came in contact with very angry Americans who had called the police on us. And I can tell you; That wasn’t fun. You can say scary. And we’re not even black. So it’s absolutely different. But racism also occurs in the Netherlands and Belgium. The tax authorities here are a very recent and clear example of this.

Then you could say “I’m not participating in the hype by speaking up on social media.” It’s your right. To be honest, that was my first reaction also. But isn’t that distancing yourself from it a little? Because it doesn’t get personal enough to you? Because it’s not important enough? Because you secretly – feel that you have to defend yourself and want to stick to the point that you are not a racist and you don’t have to? Isn’t that exactly what “white priveledge” is? Now it is possible that you are always politically correct and you never speak out against anything … that’s fine.  But that excuse didn’t work for me.

Before I decided to speak up, I started talking to a few ladies who experienced racism firsthand. And then I read the heart cry of a fellow Dutch on Facebook. He asked if the church could speak out against racism. My first reaction – once again –  “What is that necessary for? You don’t expect all Muslims to speak out against ISIS, do you? As if Muslims are by definition for IS ?? And hubby preached a few weeks ago about how we should behave in church. There is no place in the church for racism. Why does the church need to speak up? Butis there really no room for racism and discrimination or social injustice in church? Or is it and should it not be?

It’s been several years. So I can tell you now. But I have also experienced painfully that discrimination does creep into the church. For years I had trouble singing the national anthem in church. Many find it a beautiful tradition, but I do not think it rhymes with the Dutch hymne that says “Because the Spirit breaks through the borders that have been made by people …”  And although I really feel Dutch – I have been nationalized – I do not stand in church when this song is sung. When I cautiously tried to addressed this, I got a furious response “You will adapt to the Netherlands. You have to get used to OUR customs. ” Needless to say that I had been living in NL for  over 14 years, did my best to speak as accent less as possible, worked in high school and paid taxes … I had to adapt as a foreigner. I was a foreigner. I cried my eyes out and felt excluded for al long time …

Back to racism. To think that racism has no place in the church or in the NL society is an illusion. Maybe you don’t see it because you -as a white person- never experienced it. But the least we can do is to take the other person serious when he or she indicates that he is bothered by this. The least what we can do is listen (as in active listening and engaging in conversation.) And maybe we cannot change someone else’s behavior. But making your voice heard is not a drop in the ocean of needs!  Making your voice heard is not part of a hype. Making your voice heard is contributing to awareness. Making your voice heard is letting the other person know “I hear you, I see the suffering, I am behind you.”

Black lives matter.

The drawing I created, can be downloaded below for free- just for personal use in bulletjournal or biblejournaling. The drawing is inspired bij a photo of @gigi_esohe. More of my creations can be found on instagram.

“Zo ben ik nu eenmaal.”

Met onze tong zegenen we onze Heer en Vader, en we vervloeken er mensen mee die God heeft geschapen naar zijn evenbeeld.

(Jakobus 3:10)

Jakobus 3:10 vond ik altijd al ‘lastig’.
Lastig omdat

…het zo menselijk is om er af en toe een sneer uit te gooien, of
… omdat wat je voelt ook recht heeft op bestaan ook al valt dat de ander niet altijd goed, of
… omdat iemand soms iets heel goed kan bedoelen maar het gezegde faliekant verkeerd is en je daardoor nog dieper het putje in zinkt of,
… omdat je niets zegt omdat je de ander niet wil kwetsen of teleurstellen en je jezelf hier achteraf wel om voor de kop kan slaan.


Zegen en vloek zijn niet altijd goed te onderscheiden. Vooral niet vooraf. Wat mij tot vloek lijkt kan zelfs (op den duur) een zegen blijken. Of wat tot zegen bedoeld was kan…

Vanuit menselijk perspectief is het soms zo lastig te bepalen of iets zegen of vloek is.

Maar ik zie het in deze waarschijnlijker wat ingewikkelder dan dat wat Jakobus in deze verzen bedoelde. Al is dat ook ok. Ik denk niet dat mijn worstelende gedachten iets denken wat er lijnrecht tegenover staat.

Vandaag had ik het er met iemand over dat ik niet het type was wat rustig main stream meehobbelt. Mijn denkkader waagt zich met regelmaat buiten de veel bewandelde (christelijke) paadjes. Ik wil zelf denken, uitzoeken, grenzen opzoeken keuzes maken en in die grensstreek de ander ontmoeten… En hoewel je juist in de grens bijzondere dingen leert; dat levert nogal eens (negatieve) kritiek op.

Ik ben niet het type wat haar mond houdt. Het is alsof er een continue drive in me zit die mezelf en de ander aan het denken wil zetten en andere perspectieven wil belichten. Ik wil weten en ontdekken ‘waarom’. En wie zegt ‘Daarom.’ vraag ik ‘Waarom daarom?’ .

“Dat is hoe en wie je bent, dat kan je niet verloochenen. Zo zit je in elkaar.” liet mijn gesprekspartner me vanmiddag weten. Ik hoorde “Zo heb Ik je gemaakt.”

Het is vaak een vreselijke dooddoener ‘Zo ben ik nu eenmaal.’ En daarmee heb je dan je eigen handelen gerechtvaardigd… Maar in dit geval… zo ben ik echt. Maar ik ben ook het type wat eerlijk en open wil zijn… en het type wat de ander wil plezieren. En dus zit ik eeuwig te balanceren tussen de keuze om mezelf uit te spreken en het kunnen incasseren van kritiek of niet gezien/ niet gewaardeerd te worden (en laat ik in dat laatste niet altijd even sterk zijn.) Met als gevolg dat ik -voor mijn gevoel- te vaak m’n mond hou en dus mezelf tekort doe. Of zo lang mn mond hou dat daarna de bom al dan niet inwendig barst.

“Rivieren van levend water zullen stromen vanuit het hart van wie in mij gelooft.”

(Joh 7:38).

Wanneer je verder leest in Jakobus 3 lees je dat hij het spreken vergelijkt met een waterbron. Er kan niet én zoet water én zout water uit één en dezelfde bron ontspringen… En wanneer ik dan denk aan dit mooie vers uit Johannes 7 mag ik beseffen dat wanneer ik gestaag uit de juiste Bron put, het soms meer een vloek is om te zwijgen dan dat het is om te spreken – ook al bevallen mijn woorden de ander niet. Want ‘zo ben ik nu eenmaal’.😉

(Geschreven naar aanleiding van de #invogelvlucht challenge van @Bettuelle. Meer van mijn maaksels vind je op instagram.

De tekening hierboven is mijn na-maaksel; het origineel is van @polinabright . Ik gebruike waterbrushpens. )

He IS risen!

And at the ninth hour Jesus cried with a loud voice, “Eloi, Eloi, lema sabachthani?” which means, “My God, my God, why have you forsaken me?”

After His painful cry on Friday it became silent… but in the past 2000 years it was only on one day everyone thought He was dead. At Sunday it became clear. He was risen.

Now we can proclaim with a clear voice: He is risen. He is alive!

In het negende uur riep Jezus met luide stem ‘Eloï Eloï, Lema Sabachtani’ wat in onze taal betekent ‘Mijn God, Mijn God, waarom hebt u mij verlaten?’

Na zijn roep op vrijdag werd het stil. Stille zaterdag. Maar gedurende de afgelopen 2000 jaar is er maar 1 dag geweest waarop iedereen geloofde dat hij dood was. Die zondag werd het snel en voor velen duidelijk…

En met luide stem verkondigen we ook nu vandaag; Hij leeft! De Heer is waarlijk opgestaan.

Marc 15:34 #easter #Pasen

More drawings and sketchnotes on my instagram.

Wees geen underdog

Vanmiddag zou de inzegeningsdienst geweest zijn (hubby start in Parousia Zoetermeer als voorganger)… maar door Corona en alle nodige maatregelen kon het niet doorgaan.

Dus vanmorgen tijdens de livestream werd er even kort voor ons als ‘voorgangersstel’ gebeden. (En eerlijk: dat vind ik meer dan prima- het groots opgezette met veel aandacht hoeft voor mij niet persé, al begrijp ik ook dat het om iets gaat wat voor de hele gemeenschap van belang is. We zijn bedolven onder de lieve snailmail en attenties van gemeenteleden. Dus – mij hoor je niet klagen!!)

Voor mijn gevoel voelde het vanmorgen onwennig en rommelig (zonder dat ik t negatief bedoel) dat zie ikzelf terug in mijn aantekeningen.
Dit omdat ik aan het begin van de dienst mee voor de camera moest (en dat stiekem liever niet wilde 🙈)… er daarna diakenen werden ingezegend … er daarnaast ook avondmaal was … al die camera’s en apparatuur wat stond te draaien (en mij afleidde ondanks dat ik zo min mogelijk rondkeek) .. iemand die vaak heen en weer liep (geen kritiek; we hebben oplettende regelaars nodig!) … dit gebeurt gewoon behind the scenes als je aanwezig bent bij de ‘making of’ van een livestream.

Hoort er dus allemaal bij zullen we maar zeggen. 🤪

Dus mn aantekeningen zijn onvolledig en rommelig. Maar dat is ok. Het gaat bij #preekaanTEKENINGen niet om ‘alles’ te horen en te kunnen noteren. Het gaat om precies dát te horen wat God tegen jou (mij) zegt en om daar met een betere focus naar te luisteren, ondanks omstandigheden.

En ach, wat is rommelig? Het is hooguit een reflectie van hoe je iets zelf ziet of ervaart. De 1 zegt rommel, de ander heeft overal ideeën liggen en een derde vind het een georganiseerde chaos of complexe orde. Maar God kijkt en spreekt daar dwars doorheen.

Wat er vanmorgen voor mij qua boodschap uitsprong?

“Laat niet op je neerkijken, maar word niet hoogmoedig. Wees nederig zonder de underdog te worden.”

Flip through

Een kijkje in 1 van mijn bijbels. In januari 2019 begon ik in deze bijbel te journalen. (Ik journal echter in 4 verschillende bijbels en een notitieboek – elk met net weer andere stijl)

A look in one of my bibles. In this one I started journaling in Januari 2019. But I journal in 4 different bibles and a notebook. Each has its own style.

don’t feed the fears

(Scroll naar beneden voor Nederlands)

We have a God that doesn’t do ‘a pie in the sky’ kinda promises! We have a God that is near, honest, strong and helpful even in ways we can’t imagine.

Our victory isn’t about beating war cancer or Corona… our victory isn’t assured because of how great we lead or handle or heal… our victory is assured because God is with us. He, the Almighty one, goes above and beyond to be with us. We are never alone. We never have to face our struggles alone.

So in Joshua 1:1-9 God’s people faced the problem of having no leader, no land, no safe haven… the land was given and God certainly could have simply eliminated all their enemies with a mere thought; but He calls them into partnership with Himself to see His will done.

And so God called Joshua to lead them. He was called to boldness in God. Even a great leader like Joshua needed encouragement. Not because of a low self esteem or a lack of self-confidence but because of a growing God-confidence.

To grow in God-confidence we must focus on God. Follow His lead (and law).

Do NOT be frightened…For the LORD your God is with you wherever you go: The final encouragement, repeated from Joshua 1:5, reminds us that Joshua’s success did not depend solely on his ability to keep God’s Word. It depended even more on God’s presence with him.

These days of self-isolation and worrying news messages… focus on God and your God-confidence.

Don’t feed the fears but drink in His love and feed yourself with the hope He has given and still is giving in His presence.

(The drawing is inspired by different photo’s online. The little ‘Hope’ bottle is an idea I got from this Dutch website eyespired.nl).

Feel free to use this drawing as a printable- but when posted on social media: please tag me (and eyespired). + only for personal use; no spreading or making money out of it.

More #biblecreative on my instagram.

We hebben een grote God die niet aankomt met loze beloften. Onze God is dichtbij, altijd aanwezig, sterk en hulpvaardig.

Onze kracht of overwinning bewijst zich niet in het winnen van een oorlog, in het verslaan van kanker of Corona… onze overwinning is niet gebaseerd op hoe we herstellen, leiden of hoe goed we de dingen zelf aanpakken… onze overwinning ligt in het feit dat God nabij is. Hij, de Almachtige, gaat verder dan ver om bij ons te kunnen zijn en blijven. We zijn nooit alleen. Geen enkele worsteling hoeven we ooit alleen in de ogen te kijken.

In Jozua 1:1-10 zien we God’s volk – zonder leider, zonder land, kijkend op de belofte die ze hadden gekregen maar nog niet hadden toegeëigend. God had het land al beloofd en Hij had heel gemakkelijk met een knip van zijn vingers alle vijanden van de kaart kunnen vegen. Maar dat deed Hij niet. Hij wilde dat een partnerschap met het volk. Samen.

En dus riep God Jozua. Zijn leven lang was hij assistent geweest, nooit zelf de leider. En God roept hem op moedig te zijn. Niet omdat Jozua een gebrekkige eigenwaarde had. Mozes had hem waarschijnlijk niet voor niets als assistent. Maar God wilde dat hij moed putte uit Hem. Uit Zijn kracht. Jozua moest niet zozeer zelfzeker en zelfbewust zijn maar zeker van God en bewust van Hem en Zijn aanwezigheid.

Om te groeien in een Gods-bewustzijn en in het zeker zijn van Hem en Zijn hulpvaardige aanwezigheid is het noodzakelijk dat Jozua (en wij) zich focust op God en wat Hij wil (zijn wet).

Wees niet bang – staat er – want God is altijd nabij.

Jozua’s succes was echter niet alleen of vooral afhankelijk van zijn focus, zijn vermogen om zich aan de regels te houden. Het was vooral afhankelijk van God’s aanwezigheid.

In deze tijden van zelf-isolatie, social distancing en zorgwekkende nieuwsberichten mogen – moeten- we ons des te meer focussen op Hem. Zodat we niet onze angsten voeden maar ons vertrouwen in Hem.

Voed je met Zijn liefde en drink de hoop die Hij je geeft. Want Hij is nabij. Hij is sterk en moedig in onze plaats- waar we dat zelf niet zijn.

(Tekening geïnspireerd door diverse foto’s. Het kleine hoop-flesje is getekend naar een foto die ik zag op eyespired.nl)

Je mag mn tekening prima als printable of kleurplaat gebruiken maar enkel voor persoonlijk gebruik- niet ter vermenigvuldiging of met winstoogmerk. En wanneer je deelt op social media vergeet me (en eyespired) niet te taggen).

Meer #biblecreative verwerkingen vind je op mijn instagram.

Prepare for battle

(Scroll down for English)

Het paard wordt gereed gemaakt voor de strijd. De overwinning hangt af van de Heer.

Spreuken 21:31

In de tijd van deze schrijver vormden paarden een belangrijk element tijdens oorlog. Het gebruik van goed getrainde paarden kon de overwinning bepalen.

Maar een paard kon niet ongetraind aan een slag meedoen. Het moest intensief getraind en opgeleid worden.

Vergelijk het ook maar eens met de paarden die door de politie worden ingezet, of voor prinsjesdag. Voordat ze mee kunnen lopen in de drukte van de stad moeten ze leren omgaan met die drukte, met het lawaai, met onverwachte schrikmomenten. Een ongetraind paard in die situatie zou zelfs een extra gevaar opleveren.

Zo wil de schrijver van deze spreuk ook duidelijk maken dat je niet onvoorbereid de strijd in kunt gaan. Je moet leren omgaan met de middelen en mogelijkheden die je ter beschikking staan. Oefenen, trainen, hard werken.

Maar zelfs al heb je dat allemaal gedaan en win je de strijd: dan nog komt de eer aan God toe.

Jij moet je voorbereiden maar Hij is het die de overwinning geeft.

(Paard is 1 van m’n aquarels die momenteel als sticker te verkrijgen zijn bij @lucinde. )

Proverbs 21:31

The horse is prepared for the day of battle,

But deliverance is of the Lord.

The horse is prepared for the day of battle: In the days these proverbs were written, the effective use of the horse in the war could be overwhelming against the enemy. These horses had to be trained; it was wise to prepare the horse for the day of battle.

But deliverance is of the Lord: Though it is wise to make the best preparations for battle, ultimately one should not trust in horses or preparation, but in God Himself. Deliverance is of the Lord, not only of horses and preparation.

“We often give the credit of a victory to man, when they who consider the circumstances see that it came from God.”

(Sticker available at http://www.lucilight.nl)

Raven

English translation: scroll down!

Wat ik vandaag leerde van Elia in 1 Koningen 17


1: hij stond voor een dreigende koning maar was zich meer bewust van de grotere Macht dan van welke aardse groothejd dan ook. Zo mogen ook wij ons meer bewust zijn van Gods aanwezigheid wanneer we onze uitdagingen aangaan.

  1. Soms stuurt God je niet naar een volgende uitdaging… soms zegt hij simpelweg ‘Mijn kind, het is nu even geen tijd meer voor drukte, openbaarheid, doen of gehaast… nu is het tijd dat je je een poosje terugtrekt, op adem komt, je je door Mij laat verzorgen… even back to basics!”
  2. Soms moeten we net als Elia ons weer even leren focussen op de geest van Gods wet en niet op de letter ervan. God laat zich niet begrenzen door onze traditionele ideeën van wat goed of fout is, rein of onrein of van wat wij denken dat ‘hoort’.
  3. De beek droogde uit vlak voor Elia’s ogen: God wil dat we op Hem vertrouwen, niet op zijn voorzienende geschenken…

Ik maakte gebruik van Jane Davenport krijtjes (net als Gelatos) en stencils; te verkrijgen bij @lucinde. De kraai waterverfde ik op een apart vel en knipte/plakte ik.
Ik hou de tekst graag leesbaar: dus de plaksels over de tekst maakte ik vast met 2 aan elkaar gelijmde post-it blaadjes: zo haal ik ze er ook makkelijk weer af!

Lessons from Elijah in 1 Kings 17;

  1. When he stood before king Ahab; he was more conscious of the presence of someone greater than an earthly king… as should we when we face out challenges.
  2. Sometimes God fatherly says ‘There, my child, you’ve had enough of this hurry and publicity and excitement… hide yourself by the brook I show you and let me feed you for a while…’
  3. The ‘unclean’ ravens brought his food… As Elijah we sometimes need to put away traditional ideas of clean/ unclean, wrong/ right, so God can emphasize on the spirit of the law before the letter of the law.
  4. But the brook dried up; God wants us to trust Him, not His gifts…

I created the background of this page with Jane Davenport crayons and stencils I got from @lucilight

The raven I watercolored, cut and pasted on top. With a micron fineliner I added my thoughts.

Sterven is winst

(Bij Fillipenzen 1:21)

Mijmerend staarde hij voor zich uit. De grond onder hem voelde klam en koud. Aan de muren kleefde een benauwde duisternis. De lucht was zwaar en broeierig. In de gang weerklonk het zachte gejammer van een opgesloten en gekwelde ziel. Rammelende sleutels vergezelde het weerkaatsende gestamp van een van de bewakers. In de verte hoorde hij het geratel van vele handkarren en de kakafonie van handelende verkopers. Zijn gedachten dwaalden naar de marmeren straten en het eeuwige gekrioel van de zonovergoten markt. Het naderende onheil van een executie hing hem zwaar boven het hoofd. Toch kon de duisternis hem niet raken. Hij had onverwacht de ware helderheid van Geest ontvangen en ervoer een vurigheid die hij nooit voor mogelijk had gehouden.

Zelfs in deze roerige en onrustige tijd, hier in de gevangenis, overheerste in hem een diepe vrede. Voorzichtig maar niet onzeker hief hij met zijn donkere bariton een loflied aan. Even bestonden er geen donkere muren, was de realiteit van deze plek slechts een verre illusie, was er geen knagende honger, vluchtte elke vorm van angst. Een geladen stilte daalde neer, geluiden om hem heen verstomden.

Hij was dankbaar. Ook wel enigszins teleurgesteld. Misschien een tikkeltje weemoedig. Berustend. Er waren christenen en gristenen; medegelovigen die met een oprecht verlangen en met volle inzet hetzelfde nastreefden als hij, maar er waren ook gelovigen die hun oude natuur van competitie en rivaliteit nog niet hadden kunnen afleggen. Ergens begreep hij ze wel. Maar ook weer niet. De oude ‘Paulus’ zou heetgebakerd allerlei verwijten hebben uitgekraamd. Zijn ‘oude ik’ zou zich in de steek gelaten voelen, ongewaardeerd, mogelijk zelfs in de rug gestoken. Maar hij had het Licht geproefd en berustte. Niet dat hij opgaf. Dat nooit. Hij rekende het ze gewoon niet aan. Ergens voelde hij misschien wat verdriet, treurde hij om de houding en vooral om de gemiste kansen die ermee gepaard gingen . Maar Hij was boven alles dankbaar, want God had hem zoveel gegeven, zoveel laten zien, zoveel vergeven.

Natuurlijk vond hij het als mens moeilijk dat er over zijn hoofd heen geprofiteerd werd van zijn gevangenschap. Dat er gristenen waren die –soort van- blij waren dat hij even uit beeld was zodat ze zelf in de spotlights konden staan. Onbedoeld hadden zijn positie en bekendheid ervoor gezorgd dat anderen zich met hem gingen vergelijken. Er was een jaloersheid ontstaan en een wedijver. En al was het maar een klein groepje, hun ongenoegen had luid genoeg geklonken. Het had zelfs anderen geïnfecteerd.

De roddels waren hem wel vaker ter ore gekomen. Het had hem echter totaal niet geïnteresseerd of hij technisch goed kon preken, of hij wel welbespraakt en geleerd genoeg overkwam. Of hij meer of minder Hebreeuwse woorden gebruikte…Hoe vaak hij bij wie op visite ging…

Daar draaide het toch niet om? Maar blijkbaar had het anderen wel wat uitgemaakt. En nu hij gevangen zat werd het niet onder stoelen of banken gestoken dat er ook betere opties dan hem waren, dat hij zo zijn fouten had. Laag was het. Zielig.

Maar wat maakte het uit? Wat maakte het uit wie op de voorgrond stond? Als er maar gepreekt werd! Als er maar mensen werden bereikt met de meest grote, mooie en waardevolle boodschap ooit! En dus, alle weemoed ten spijt, ervoer hij vooral vreugde en dankbaarheid. Als hij dit alles zou overleven; dan leefde hij niet voor de goedkeuring van andere christenen. Hij leefde met volle inzet voor Christus! Zou hij sterven; dan was dat winst. Want hij wist waar hij na zijn dood zou opstaan.

Paulus sloot zijn ogen. De muren hoorden zijn zachte doch vastberaden gefluister;

“Want voor mij is leven Christus en sterven winst.”

(Ik maakte de tekening met pastelpotlood en verwerkte hem daarna in mijn bijbel. De letterstickers, kruis-stencil en inkt kan je vinden in de webshop van @lucinde. Ze verkoopt ook diecuts, gemaakt van mijn tekeningen en prachtig faith papier; handig wanneer je met een scrapbook stijl zoals op de bovenste foto wil biblejournalen. Biblejournalen vereist dus totaal geen tekentalent!

GRATIS: Wanneer je deze maand wat via Lucinde haar webshop bestelt ontvang je gratis een printable met onder andere ‘mijn’ Paulus. (Zie foto hieronder.) Andere printables kan je er voor slechts 1€ aanschaffen!

Meer van mijn maaksels vind je op instagram. Vragen over hoe ik eea maak of heb tips nodig: neem gerust contact op via instagram of het contactformulier!

(This time no translation – please comment, contact or email me when you really want to receive an English translation other than google translate 😉)

Jacob vs Israël

(Scroll down for English translation)

Het leek wel alsof er een smet op hem lag. Hoe kan je een kind nou een naam geven waarbij iedereen denkt aan een dief? En dat alles vanwege iets wat hij tijdens het geboren worden had gedaan. Alsof hij toen bij volle verstand was. Zijn broer was het eerst geboren, harig als hij kwam werd hij Esau (behaard) genoemd. Maar met het eruit komen had hijzelf klaarblijkelijk de hiel van zijn broer gegrepen. Alsof hij eerst had willen zijn, alsof hij toen al dacht aan het eerstgeboren recht. 

God had voor hun geboorte een profetie over hen uitgesproken; haar zoons zouden rivalen zijn, beide zouden aan het hoofd van een natie staan maar de oudste zou uiteindelijk de jongste dienen.  Was dit wat ze noemden ‘self fulfilling prophecy’? 

Logisch dat hij met die naam jaloers was geweest op zijn broer. De broer die overal goed in was. Die door vader werd gekoesterd als ‘ de grote jager’. Had hij anders kunnen handelen dan dat hij deed? Esau had zijn geboorterecht al verspeeld met de linzensoep. Hoezo was hij dan de bedrieger toen hij de zegen in ontvangst nam in plaats van Esau?

Hielgrijper hadden ze hem genoemd. Oftewel bedrieger, dief. Jakob.

Het leek een eeuwigheid geleden. Intussen was hij 2 vrouwen en kinderen rijker. God had hem veel gegeven. Zelfs een nieuwe naam. Hij had er flink om gevochten; een dergelijk gevecht had hij nooit meer gevoerd. Het was alsof hij, destijds, een worsteling met zowel zichzelf als met God gevoerd had. Dus had hij na afloop om een zegen gevraagd.  Die zegen kwam in de vorm van een nieuwe naam. Een naam vol van belofte. Israël; God strijdt. God heerst.

Het was een eyeopener gebleken en tegelijk ook niet. Hij had in zijn leven zo geworsteld met alles en iedereen. Zo moeten vechten om zijn plek. En met deze naam zei God eigenlijk ‘Jij hoeft niet te strijden. Dat doe ik. Ik, jouw God, ik strijd. Ik ben degene die heerst. Niet jij. Ik ben degene die jouw weg baant, niet jijzelf, want het houdt niet op met jou.’   Deze naam, met de belofte dat God voor hem zorgen zou, dat Hij de toekomst in de hand had zelfs tot ver na zijn dood, had hem gesterkt in het tegemoet treden van zijn broer. Het onderling strijden met Esau was opgehouden. Maar daarmee niet de worstelingen des levens. Zijn dochter was tot schande gebracht en daarmee kwam ‘gedoe’ in alle hevigheid terug, en vanaf dat moment waren ook zijn zoons verwikkeld in de strijd.  Nu stond niet alleen hij – tot in de verre omgeving- bekend als een bedrieger, maar ook zijn zoons. Hij was bang geweest voor hun veiligheid. Had gevreesd dat ze als stam volledig weggevaagd en gelyncht zouden worden.

Maar God had hem bij zich geroepen. God had herhaald dat hij dan wel ‘ Jakob, bedrieger’ heette, en dat hij onder die naam bekend stond. Maar God herinnerde hem aan Zijn beloften; Hij zou voor hem strijden. God zou zijn weg banen, ook al zag Jakob dat zelf niet. Het verleden – de Jakob- zou in schril contrast staan met de toekomst – Israël. 

Vanaf dat moment lukte het hem- met vallen en opstaan- om te blijven zien, hopen en geloven op die beloften. De hielgrijper, de dief en de bedrieger waren niet de rollen die God voor Hem had weggelegd. Hij was Israël; degene waarvoor God strijdt.  En ja er waren momenten dat hij verviel in zijn oude gedrag; dat hij de beloften uit het oog verloor en zich weer Jakob waande. En velen zagen – net als hijzelf in de spiegel- slechts de man, en niet de belofte.

Maar hier lag hij nu op zijn sterfbed. Zijn zoons rond hem verzameld.

“Kom en luister, zonen van Jakob, de man, luister naar je vader Israël,  luister naar de belofte, naar dat wat komen gaat.” (Genesis 49:2)

Hij was Jakob, de man. En de man zou sterven. Maar hij was ook Israël; het volk en de belofte. En God zou nooit ophouden met strijden.  Telkens wanneer zijn namen geschreven of genoemd zouden worden, mocht duidelijk zijn dat ieder mens de neiging zou hebben om zelf voor zijn plek te vechten maar dat alleen God, de Eeuwige, zou heersen. De eigen geschiedenis zou in contrast staan met de beloften en de toekomst die Hij in Zijn hand houdt.

Want God was er altijd al bij, is er nu en zal er zijn.  Toen, nu en dan.

Als de Heer het lot van zijn volk ten goede keert, zal Jakob juichen, Israël zich verheugen.  Psalm 14:7

Meer biblejournaling van mijn hand vind je op mijn instagram. Biblejournaling printables met mijn tekeningen zijn te verkrijgen via Lucinde haar webshop.

It was as if there was a blot on him. How could they’ve ever given him an name that made everyone think of a thief or a deceiver? All because of something he had done while being born. As if he was fully responsible for that. His brother was the first born, hairy when he came out he was called Esau (hairy). But when he himself got out, he apparently grabbed his brother’s heel. As if he had wanted to be first, as if he was already thinking about the right of the  firstborn.

Before they were born, God had prophesied to this mother; her sons would be rivals, both would lead a nation one day, but the oldest would eventually serve the youngest. Was this what people called “self-fulfilling prophecy”?

It was only logical that he’d been jealous of his brother. The brother which was good at everything. Their father cherished “the great hunter”. Could he have acted differently than he did? Way before his biggest so called deception Esau had already lost his birthright with lentil soup. Who should be called the real supplanter?

They had called him a heel grabber. Cheater, thief, supplanter.

It seemed an eternity ago. In the meantime, he married 2 women and many children richer. God had given him a lot. Even a new name. He had wrestled  for it; in a wau he never fought again. It was as if,  at that time, he had struggled with both himself and God. So he asked for a blessing afterwards. The blessing was given in the form of a new name. A name full of promise. Israel; God is fighting. God rules.

It turned out to be an eye opener and at the same time he couldn’t see more than before. In his life he had struggled so hard with everything and everyone … He never was given anything by chance, always had to fight for his place. And with this new name, God actually said “You don’t have to fight.” I will. I am your God, I will prevail. I’m the one who reigns.  Not you. I am the one who is paving your way, not you, because it does’nt stop with you. ” This name, with the promise that God would take care of him, that He controlled the future far after his death, had strengthened him in meeting his brother after all those years.  The conflict with Esau had ceased. But not the struggles of life. His daughter was brought to shame and with that, the fighting and struggling came back in full force, and from that moment on his sons were involved. Now he surely was known as the cheater, also his sons. He had been afraid of their safety. Had feared that they would be wiped out and lynched as a tribe.

But God reached out to him. He repeated that at birth he was given the name of a “deceiver,” and was known by that name. But God also reminded him of His promises; He would fight for him. God would make his way, even though Jacob himself wouldn’t see. The past – the Jacob – would be in contrast to the future – Israel.

From that moment on he succeeded – by trial and error – in continuing to see, hope and believe on those promises. The heel grabber, the thief and the supplanter were not the roles that God had set aside for Him. He was Israel; the one for whom God fights. And yes there were times when he fell into his old behavior; that he lost sight of the promises and and there were moments he looked at himself as Jacob again. And many saw – just like he did in the mirror – only the man, not the promise.

But here he was, laying on his deathbed. His sons gathered around him

“Come and listen, sons of Jacob, the man, listen to your father Israel, listen to the promise, to what is yet to come.” (Genesis 49:2)

He was Jacob, the man. And the man would die. But he was also Israel; the people and the promise. And God would never stop fighting. Whenever his names were written or mentioned, it would be clear that every person could tend to fight for his own place, but that only God, the Eternal one, would reign. Men’s own history would always be in the shade of His promise; the future in His hands.

Because the Almighty always was, is and will be.

When the Lord restores the fortunes of his people, let Jacob rejoice, let Israel be glad.  Psalm 14:7

(More bible journaling on my instagram. Go to Lucinde her webshop when you’ld like to purchase some biblejournaling printables with my drawings. I used a photo I found on Pinterest as an inspiration for my journaling but can’t seem to find the photographer so can’t tag him / her. )